SYNOPSIS IN ENGLISH OF THIS PAGE / TERUG / BACK / SOUNDFOUNTAIN WEBSITE

 

Groepsfoto

Actualiteitenrubriek AVRO'S TELEVIZIER, 1968

Staand:

Hans Vernhout (producer) - Piet ter Laag (cameraman)
Cas Brugman (regisseur/programmamaker)
Rudolf Bruil (bureauredakteur/verslaggever) - Erica Haye (secretaresse)
Thijs Zijda (verslaggever) - Marcel de Groot (verslaggever)
Roelof Kiers (verslaggever/programmamaker)
Pim Elfferich (hoofdredakteur)
Henk van der Molen (hoofd informatieve programma's)
Ria Bremer (programmamaker).

Zittend:

Drs. Ed Peereboom (commentator economie)
Pieter Varekamp (verslaggever)
Fred Emmer (presentator) - Jaap van Meekren (presentator)
Dr. Ferry Hoogendijk (politiek commentator)
Johan van Minnen (correspondent)
Ria van Loon (secretaresse).

Foto bewerkt en gecorrigeerrd door R.A.B.

Niet aanwezig: Mr. G.B.J. Hiltermann (politiek commentator), die misschien op reis was of mogelijk bij voorkeur alleen op een foto stond. En Frans van Houtert ontbreekt.
Ook afwezig is Jaap van der Zwan (verslaggever). Die had zich kritisch uitgelaten over het kolonelsbewind van Papadopoulos in Griekenland en daar werden vragen over gesteld in de Tweede Kamer door de VVD (Haya van Someren-Downer). Jaap werd op dood spoor gezet. Hij werd later voorlichter van de Gemeente Zoetermeer.

In augustus 2002 gaf de CIA - na veel tegenstribbelen - enkele (niet alle) dokumenten vrij over de rol van de USA (CIA) met betrekking tot de coup d'état in Griekenland. Amerika was bang dat de linksen en de communisten in Griekenland de overhand zouden krijgen en steunde daarom het kolonelsbewind in de strijd tegen het communisme. Griekenland was en is immers lid van de NAVO en dat moet zo blijven. Er moest dus ingegrepen worden. Bekende tegenstanders van de junta waren actrice Melina Mercouri en componist Mikis Theodorakis.

BESPREKING

 

Cas Brugman spreekt met een collega-journalist van de Volkskrant. Johan van Minnen denkt na over een of andere boude bewering van mij.

HET JAAR VAN DE GENERAALS

Twee jaar werken op contractbasis bij de Algemene Vereniging Radio Omroep, om precies te zijn bij Avro's Televizier. Dat was een belangrijke leerperiode voor me waarvan ik later veel profijt heb gehad.

Met Mr. G.B.J. Hiltermann maakten Cas Brugman en ik het politiek jaaroverzicht getiteld "Het Jaar van de Generaals". Dat gebeurde in Den Haag bij Haghe Film waar we "GBJ", gezeten achter een tafel met naast hem een kapstok, filmden. Bij Haghe Film vond ook de montage en de nasynchronisatie plaats. Het commentaar buitenbeeld werd mogelijk door Cas ingesproken/gelezen. Hoewel we ook een keer acteur André van den Heuvel vroegen om het commentaar in te spreken. Cas had een uitstekende microfoonstem van het type Philip Bloemendaal van Polygoon Profilti. De tv-uitzending was een groot succes.

CURSUS

Om de nieuwe lichting presentatoren, verslaggevers en redakteuren wegwijs te maken en te coachen gaf Gijs Stappershoef gedurende een aantal weken op woensdagmiddagen lessen die door een groep medewerkers van verschillende omroepen gevolgd werden - onder hen ook Sonja Barend en Harmen Siezen.

OPERATIE VOX POPULI

Hoofdredakteur Pim Elfferich zette een interessant project op stapel genaamd OPERATIE VOX POPULI. Niet alleen boeiend, maar ook noodzakelijk om aandacht te vragen voor de waanzin van de verspreiding van kernwapens en het fabriceren van steeds meer wapens en atoomkoppen. Het project was gebaseerd op het idee van Nobelprijswinnaae Sir Philip Noel-Baker.

Ik assisteerde bij de productie er van en correspondeerde (en telefoneerde ook wel eens) met o.a. Harrison E. Salisburry van de New York Times, Karol Malcuzynski van Tribuna Ludu in Polen (verzamelaar van "Warsovia", alles wat met Warschau te maken heeft, en broer van de pianist Witold Malcuzynsky).

Theo Sommer van Die Zeit in Hamburg, Roger Massip van 'Le Figaro' in Parijs, Robert Neild van het Nationaal Instituut voor de Vrede in Stockholm (Stockholm International Peace Research Institute - SIPRI), Frank Giles van 'The Sunday Times' in Londen, Vikenti Matveyev, "political observer" van Isveztia in Moskou, en Francis Noel-Baker, de zoon van Sir Philip Noel-Baker.

Doel was ze over te halen deel te nemen aan het project. Een enkele grootheid werd door mij op Schiphol opgehaald en die bracht ik dan naar Hotel de l'Europe. Ze kwamen naar Amsterdam om onder leiding van Mr. G.B.J. Hiltermann te discussiëren over de dreiging van de atoombom en hoe de overheden bewerkt kunnen worden om de nucleaire wedloop te stoppen en te gaan ontwapenen. Sir Noel-Baker stelde dat de stem van het gewone volk in deze cruciaal is: Vox populi.

HUGO CLAUS

Pim Elfferich had Hugo Claus gevraagd een docu-drama (een kort toneelstuk met documentaire elementen) te schrijven, als inleiding. Claus schreef "Een les in vrede" en liet daarin "de stem des volks" vertolken door een schoonmaakster in een kantoorgebouw. Hij liet als tegenstelling de stemmen van de politicus en de wetenschapper spreken. Dus de onschuld tegenover de compromisbereide onderhandelaar en de theoretische intellectueel.

De discussie was een soort Nederlandse uitgave van 'Der Internationale Frühschoppen' zoals dat toendertijd elke zondagmorgen door Werner Höfer op de WDR (Westdeutscher Rundfunk) werd voorgezeten en waarvoor ook correspondent Johan van Minnen meerdere malen uitgenodigd werd om aan de discussie deel te nemen.

Bij de AVRO was 'Operatie Vox Populi' een eenmalige uitzending en wel in dubbele zin. Het was een bijzondere uitzending. Dat stond vast. Maar tegelijkertijd werd er niet aan gedacht dat ook andere onderwerpen door het illustere gezelschap besproken zouden kunnen worden nu die kopstukken er waren. Dat had materiaal opgeleverd voor meerdere uitzendingen. Daar werd eigenlijk niet aan gedacht zo geconcentreerd waren we gedurende vele maanden - naast het gewone werk - bezig met de voorbereiding van het evenement.
De uitzending vond plaats op 29 september 1967.

(Opmerking: Het was voor veel journalisten een eer om voor Werner Höfer's "Internationale Frühschoppen" - politiek discussieprogramma, uitgezonden op de zondagmorgen via de WDR - uitgenodigd te worden. Hoe groot was de ontgoocheling toen bekend werd dat Höfer in de Tweede Wereldoorlog als journalist in de nationaal-socialistische pers in Berlijn pro-nazi artikelen schreef, een feit waarvan, zoals bleek, de WDR al in 1962 op de hoogte was, maar pas in 1987 bekend werd gemaakt en alsnog tot het abrupte einde van de carrière van Höfer leidde, die toen ook geen aanspraak meer kon maken op het auteursrecht van "Internationale Frühschoppen". Om niet aan de verschijning van de continue cigaretten rokende journalist met sonore stem herinnerd te worden kreeg het format de titel "Presseclub". Zie ook de website met het aangrijpende relaas over de rechtzaak en de ter dood veroordeling van de jonge pianist
Karlrobert Kreiten in Berlijn in 1943, een gebeurtenis die een duidelijk inzicht geeft in de tijd waarin Höfer actief was en zijn artikelen schreef.)

TEER IN DE LONGEN

In die tijd vertoonden we al beelden van jampotten vol met teer dat uit de longen van stugge rokers afkomstig was. En in een bewerking van een BBC-reportage zagen we heren in het ziekenhuis op zaal liggen met geamputeerde benen terwijl ze stug doorrookten. Dr. L. Meinsma vertelde over de zelfvernietiging van de rokende mens. Toch duurde het nog jaren voordat de pakjes cigaretten een waarschuwing kregen opgedrukt. Ook nu nog is de cigaretten-lobby machtig, vooral in Brussel.

THE WAR GAME

Van de BBC kregen we veel later voor een viewing de documentaire "The War Game" (die in 1966 een Academy Award had gekregen) en die de verschrikkingen van een atoomoorlog schilderde, met verblindende lichtflits, nucleaire storm, dodende straling, verzengende hitte en al. Daar was de Hollywood-speelfilm "On the Beach" uit 1959 niets bij vergeleken. "The War Game" mocht evenwel niet uitgezonden worden, want het volk zou eens wakker kunnen worden. Een discussie gevoerd door een panel van intellectuele journalisten is uiteraard heel wat anders dan de directe confrontatie.

Het was als met Erich Maria Remarque's boek "Im Westen nichts Neues" uit 1928 dat in 1933 verbrand werd en verboden werd. Je zou maar eens anti-militairistisch kunnen worden of de waanzin van de oorlog kunnen doorgronden en de oorlogszuchtige plannen van de politieke leiders en de generaals willen boycotten. Een van de oorzaken van Wereldoorlog II is de Eerste Wereldoorlog en de daarbij behorende Vrede van Versailles waarbij door de geallieerde overwinaars herstelbetalingen werden opgelegd aan Duitsland. Het had zover niet hoeven komen.

De 1ste Wereldoorlog (en daarmee wellicht de 2e) had voorkomen kunnen worden, maar toen op het allerlaatste moment Keizer Wilhelm (Duitsland) en Tsaar Nicolaas II (Rusland) er over dachten om niet ten strijde te trekken, was het al te laat. Ze beseften dat ze de fanatieke generaals en hun manschappen die al ver met de voorbereiding waren, er niet toe zouden kunnen bewegen de plannen niet uit te voeren. Overigens: mensen zijn over het algemeen niet enthousiast om een oorlog te beginnen, een paar fanatiekelingen daargelaten. Alleen wanneer een oorlog uitgebroken is en de verschrikking aan den lijve ondervonden wordt, dan kiest men partij en worden de verrichtingen gevolgd en neemt men er dan gedwongen deel aan.

GELUIDSHINDER

Thijs Zijda en ik maakten in september 1967 een uitzending over de geluidshinder, veroorzaakt door de luchthaven Schiphol. Het was een uitzending die veel stof deed opwaaien en insloeg als een bom, en zeer positieve kritieken in het Parool en de Volkskrant opleverde. We lieten straaljagers horen, een decibelmeter zien, we maakten interviews met aktievoerder Bolmeijer van het Comitee Geluidshinder Schiphol, met de pastoor van Badhoevedorp die tijdens zijn preken vaak onverstaanbaar was als het zoveelste straalvliegtuig gierend overvloog. In de studio werd onder meer de wethouder van Amstelveen ondervraagd. Hij stelde dat het allemaal maar overdreven was. Zo erg was die hinder niet. Toen al!
Thijs Zijda ging later voor het programma Van Gewest tot Gewest werken.

ENGELAND EN DE EEG

In die tijd speelde al de relatie Engeland en de Europese Economische Gemeenschap. Marcel de Groot ging met een camerateam naar Engeland om een reportage te maken over de mogelijke toetredeing van Groot Brittanië tot de EEG. Hij kwam terug met materiaal dat een ander beeld gaf dan wat velen voor ogen hadden. Het ging om economie. Het bleek dat Engeland ouderwets was en dat de fabrieken nog op stoommachines draaiden. Brede leren riemen liepen over grote wielen om de productie-machines aan te drijven. De vernieuwing die Europa had meegemaakt als gevolg van de vernietigingen tijdens de Tweede Wereldoorlog had daar logischerwijs niet plaatsgevonden. De muziekkeuze van Marcel was ironisch. De M+E band (muziek en effecten) liet "Land of Hope and Glory" van Edward Elgar onder de beelden horen. In die tijd hoorde daar ook de uitspraak bij die door Engelsen gebezigd werd wanneer het Kanaal vol mistbanken hing: The continent is isolated. Het is maar hoe je het bekijkt. Groot-Britannië heeft uiteraard profijt gehad door de toetreding in 1973. Net zoals de andere landen.
Marcel maakte ook reportages over het leven van Zuid-Molukkers in Nederland en het heimwee. Daar kwamen ontroerende scenes in voor. In de redactievergadering werd besproken hoe lang je een tot tranen toe bewogen geinterviewde mocht laten zien. Hoeveel meer frames kunnen het zijn?

DE PALESTIJNSE KWESTIE

Dat succes dat Thijs en ik met de "Geluidshinder door Schiphol" hadden geboekt werd overigens een paar weken later al teniet gedaan op de dag dat er geen item beschikbaar was voor de uitzending van die avond. Thijs en mijzelf werd de opdracht gegeven een tekst te schrijven over de situatie in het Midden-Oosten: Israel en de Palestijnen. Die tekst moesten we dan voordragen terwijl voor zover als mogelijk was beeldmateriaal vertoond zou worden, dat was dan "Bildbeleg" zoals Cas dat placht te noemen.

We protesteerden omdat we op onze klompen aanvoelden dat een dergelijke samenvatting alleen maar opvulling was en de intensiteit van de actualiteit miste. Het ware beter als er dan na een korte inleiding een discussie tussen een paar heren plaats zou vinden. Of... als er helemaal niets was om te vertonen, dan de uitzending helemaal niet door laten gaan. Maar het moest!

De uitzending werd een flop. Achteraf beschouwd hadden we dienst moeten weigeren. Met de uitzending werd meteen de goodwill die we voor ons eerdere werk hadden geoogst teniet gedaan. Na de tweespraak met obligate beelden kopte TV criticus van Buuren de volgende dag in het Parool: "Voor Bruiloften en Partijen". Nou, dan weet je het wel.

WEST BERLIJN 1968

Met Cas Brugman (die later naar de Wereldomroep overstapte) en Duitsland-correspondent Johan van Minnen reisden we naar Berlijn om de demonstraties van de 11e maart te verslaan. Dat was de tijd van Rudy Dutschke, Daniel Cohn-Bendit, en zoals later zou blijken van Joschka Fischer die weer later minister van Buitenlandse Zaken (Aussenminister) in de regering Gerhard Schröder werd en samen met Schröder de oorlog van George W. Bush en zijn handlangers tegen en in Irak niet wilde steunen.
Ook bezochten we Johan van Minnen en zijn vrouw in Bad Godesberg (bij Bonn waar toen de regering van West Duitsland zetelde). Daar woonden zij en ik maakte voor het avondeten spaghetti met een veel te machtige saus klaar. Als Johan uitgenodigd werd om in het panel van journalisten deel te nemen, "Johan van Minnen aus den Niederlanden", dan werd dat uiteraard met enige trots ruimschoots van te voren gemeld.

MARTIN LUTHER KING

Op mijn verjaardag werd Martin Luther King vermoord en ik werd onmiddellijk naar Frankfurt gestuurd om bij het ZDF historisch en actueel beeldmateriaal te halen voor de actualiteit van de avond. Het filmblik werd me bij aankomst op Schiphol al op de vliegtuigtrap uit de handen gegrist. Het materiaal moest snel bewerkt worden voor de uitzending van diezelfde avond. Beeldverbindingen zoals vandaag de dag waren er niet. Bij hoge uitzondering kon er met moeite op korte termijn wel eens via de EBU (European Broadcasting Union) in Brussel wat worden doorgeseind.

PARIJSE REVOLUTIE 1968

Thijs Zijda, Cas en ik maakten reportages over de mei-revolutie van 1968 in Parijs die in de  Universiteit van Nanterre begonnen was. Dat was niet 'la révolution', zoals de studenten in Nanterre het noemden, maar het waren 'les émeutes' (de ongeregeldheden) zoals de gevestigde orde de roerige opstand betitelde. Ik deed straatinterviews en op instigatie van Mr. G.B.J. Hiltermann - die elke morgen (gezeten in een voorname Louis XVI-stoel) zitting hield in Hotel Royal Alma, schuin tegenover het Théâtre des Champs-Élysées, en met ons het 'plan de campagne' van de dag besprak - maakte ik een 10 minuten durend interview met Raymond Tournoux, redakteur politieke geschiedenis van Paris Match.

Zulke interviews waren interessant om te doen, alert zijn in een zich ontwikkelend gesprek. Dat is heel wat anders dan die voorgekookte, van te voren doorgesproken, levenloze gesprekken, bijvoorbeeld met zo'n Amstelveense wethouder waarvan je van te voren wist wat zijn standpunt was. Amstelveen is namelijk economisch enorm afhankelijk van Schiphol. Dus werd de geluidshinder gebagatelliseerd. (Je ziet op de publieke omroep veelvuldig van die oninteressante kraak-nog-smaak interviews in Buitenhof en nieuwsprogramma's waarin alles te veel is doorgesproken en voorgekookt.)

"Les amoureux sont fatigués, Les journaux sont imprimés, Les ouvriers sont déprimés..." zong Jacques Dutronc op de radio én onder de gemonteerde beelden van een van onze reportages. We bezochten uiteraard ook Jan Brusse, de AVRO-correspondent van zijn uitzendingen "Paris vous parle". We gingen eten in klein restaurnt waarvan je er vele vindt in de wijken van Parijs buiten het centrum. Jan en zijn vrouw, zijn broer Marc, de kunstschilder uit de familie, en zijn vriendin, Mr. G.B.J. Hiltermann als ik het goed heb, Cas en Karen, en nog een aantal mensen.

AVRO's Televizier moest het opnemen tegen andere actualiteiten-rubrieken en die ook weer tegen Televizier: Brandpunt (Ad Langebent en Aad van den Heuvel), VARA's Achter het Nieuws (Herman Wigbold, Wim Bosboom, Koos Postuma), NCRV's Hier en Nu (Henk Mochel, Niek Heizenberg en Hans Sleeuwenhoek).

MR. G.B.J. HILTERMANN

In de aanloop van de revolutie bezochten we op 30 april de verjaarsreceptie van koningin Juliana op de Ambassade der Nederlanden in de rue de Grenelle. Daar trof ik veel bekenden uit mijn Parijse tijd aan. Dus werd er bijgepraat. Na de receptie gingen we met Hiltermann uit eten. Hij wist wat dineren was en wat de Franse keuken betekende. Met G.B.J. aten we 's avonds in 'La coupôle', het grote restaurant op de Avenue Mont Parnasse.

Toen we naderhand, het was al middernacht, op de Champs-Elysées wandelden kwam er een vrouwtje langs met lelietjes van dalen in een mandje. Ik kocht twee tuiltjes 'muguettes'. Een voor Karen, de vrouw van Cas, die voor koninginnedag naar Parijs gekomen was. En een voor Mr. Hiltermann. Hij zei: "Maar meneer Bruil, wat aardig van u dat u aan mijn verjaardag heeft gedacht. Ik ben op de 'Dag van de Arbeid' geboren." Het was inmiddels de eerste mei, vroeg in de ochtend.
"Hoe wist je dat Hiltermann jarig was?" werd me later vaak gevraagd.

Dat waren andere tijden. Geen magnetische en digitale opneming of doorstraling. Gefilmd werd op 16 mm met een Arriflex. Het geluid werd opgenomen met een Nagra. Het materiaal werd ontwikkeld door Cinecentrum. NTS-auto's reden af en aan. De montage gebeurde in "De Ambachtschool" in Bussum. Bij een urgent onderwerp als 'De Franse Revolutie van 1968' werd ook 's avonds laat of tot diep in de nacht gemonteerd, soms tot het krieken van de dageraad.

Cas Brugman, Johan van Minnen en Piet ter Laag.

PRAAG 1968

Om over de Praagse Lente van 1968 (Praagse Revolutie) te rapporteren vlogen Cas Brugman, Johan van Minnen, cameraman Piet ter Laag en ik naar Wenen. We werkten samen met AVRO-correspondente An Salomonson en bekeken Praag, Dubcek en de ontwikkelingen op afstand. Want verder dan Wenen kwamen we niet. De grenzen waren dicht. De reportages verzonden we via de ORF (Oesterreicher Rundfunk) waar An kind aan huis was.

KUNSTVLEES VAN DSM

Ik was meer geinteresseerd in buitenlandse politiek, dan bijvoorbeeld in leegstaande winkels in het winkelcentrum In den Boogaard in Rijswijk of de perikelen van de burgemeester van De Rijp over de verkoop van eilandjes in het uitgestrekte watergebied van zijn gemeente. Uitzondering was het kunstvlees ontwikkeld door DSM (het chemie concern van N.V. Nederlandse Staatsmijnen) in Heerlen waar een oom van mij - Frans Kraaijenhagen - werkte. Overigens merkwaardig dat het kunstige vleesprodukt niet op grote schaal in produktie is genomen. Je kon het bakken en braden, en smoren. Door de toevoeging van smaakstoffen proefde het niet alleen als vlees, maar het had ook de structuur van vlees.

CHRISTOS VOSKRESE

Af en toe werkte ik aan een kort programma dat aan het einde van de zaterdagavond uitgezonden werd. Mevrouw Roof-Ivanowskaja uit Den Haag beschilderde eieren in prachtige kleuren blauw, groen, rood en goud, met versieringen en kleine tafereeltjes. In Rusland is het gebruik om elkaar met Pasen een ei te geven en dan te zeggen: Christos voskrese, Christus is opgestaan. Ze liet ons de eieren en haar werkwijze zien. De vakkundige cameraman Piet ter Laag filmde de eieren die ik op een kristallen standaard zette, stuk voor stuk, van onscherp naar scherp en weer naar onscherp. Zo kon een kunstzinnige montage gemaakt worden terwijl de schilderes op de piano "In der Kirche " van Tsjaikofski speelde dat dan overging in hetzelfde stuk gezongen door het Don Kosakken-koor. Het was een artistiek kleinood, een ring met een mooie steen, zo zag ik het.

KIRILL KONDRASHIN

In datzelfde kader pastte ook een item over de Russische dirigent Kirill Kondrashin die voor het eerst het Concertgebouworkest ging dirigeren. Voor de uitzending van EN TENSLOTTE mocht ik Kondrashin filmen tijdens de repetitie van de 6e Symfonie, Opus 54, van Dimitri Sjostakovitsj. Hij begon met het tweede deel:
"Ich gebe eins... wir müssen fühlen das Tempo zusammen. I don't want to adept (...) to you. We both must be together. Tertse...(...) Dritte Takt." Enzovoort.

Van deze repetitie mocht ik slechts 60 seconden film van het orkest in de reportage gebruiken. Dat was toegestaan. Voor elke seconde méér moesten rechten betaald worden. Dat was de standaardprocedure als je het orkest opnam. Het ging per slot van rekening om het Concertgebouworkest. En het ging om Kirill Kondrashin die ik een paar jaar eerder in een boeiend programma met het Orchestre de la société des concerts du conservatoire in het Théâtre des Champs-Élysées, Avenue Montaigne, in Parijs, waar zijn naam als Kyril Kondrachine geschreven wordt, had gehoord. Opvallend was de sfeer en de precisie in Ravel's 'Rhapsodie espagnole'. ( 8è CONCERT, Dimanche 24 Novembre 1963 (kies Programs): Yuri BOUKOFF, piano; Ravel: Rapsodie espagnole; Weber: Concertstück; Chostakovitch: Concerto no 2; Prokofieff: Symphonie no 5; Direction: Kyril KONDRACHINE).

De maestro prees het Concertgebouworkest waarvan hij zoveel gehoord had en waar hij nu dan voor het eerst aan de lessenaar stond. Hij zei dat de musici zijn aanwijzingen volgden zoals elk goed orkest dat doet, maar de leden van ons orkest deden dat "with pleasure", zo benadrukte hij. Een mooi compliment.

Het concert zou plaats vinden op zondag 21 januari 1968. De reportage, inclusief het korte interview, werd op de zaterdagavond daarvoor uitgezonden en zou misschien nog een aantal muziekliefhebbers kunnen aansporen het concert de volgende dag te bezoeken, hoewel het wel kort dag was. In het filmfragment zegt Kondrashin dat hij zich niet wil aanpassen aan het orkest, maar dat het orkest zich aan de dirigent moet aanpassen. En op een ander moment zegt hij: "We should be together".

Violist Herman Krebbers (concertmeester) is ook in het filmfragment te zien. Kondrashin sleep het orkestspel tot in de kleinste facetten alsof het een diamant was. Het item duurde in totaal niet langer dan een kleine 6 minuten, maar het was voldoende om een goede indruk te krijgen van deze meesterdirigent. De opname van de repetitie die op zich al zo'n zes minuten duurde werd in 1989 door Hans Heg, Mia van 't Hof en Kees van Langeraad gebruikt in de documentaire 'Het testament van Kirill Petrovitsj', over het leven van de dirigent en in het bijzonder over de periode van Kondrashin bij het Concertgebouworkest. Later was een fragment ook te zien in 2009 in Zomergasten toen dirigent Jaap van Zweden in gespek was met Margriet van der Linden.

Het was overigens niet makkelijk met de man te converseren. Ik sprak geen Russisch en zijn Engels, Frans en Duits waren niet wat je noemt je dat. Hopend op meer ontspanning in het gesprek, stelde ik eenzelfde vraag nog eens, verwachtend dat hij dan opnieuw en uitgebreider zou antwoorden. Het enige wat hij zei was: "Dat heeft u me al gevraagd". In plaats van hem te vragen hoe hij 'het Westen' ervoer,  vroeg ik hem "Wat is belangrijker, het ritme, de melodie, of de harmonie?" Dat waren namelijk de criteria die door het Sovjet Comitee van Musici en Componisten waren opgesteld waaraan muziek zou moeten voldoen en waarvan het ritme de belangrijkste was, het ritme van de volksmuziek. Ik had niet voor niets een scriptie geschreven over "Het Kommunisme en de Kunstmuziek" - waarbij de leraar al meteen over de term kunstmuziek viel. Die gebruikte ik om de tegenstelling tot populaire muziek, volksmuziek, en jazz te verduidelijken. En dan is er natuurlijk de alliteratie van de k. Ook een reden om de term kunstmuziek te hanteren. De live uitvoering van de 6e Symfonie van 21 Januari 1968 werd in 1984 op LP uitgegeven, samen met de op 6 maart 1980 uitgevoerde Symfonie No. 9. Ref. Philips 412 073-1. Live opnamen.

EDISON KLASSIEK 1968

Eveneens maakte ik een kort item over de uitreiking van de Edison Klassiek die op 20 september 1968 plaatsvond. Klaas A. Posthuma geproduceerd werd. Leonard Bernstein ontving een Edison voor zijn Mahler Cyclus opgenomen met het New York Philharmonic Orchestra voor CBS en met name de 6e Symfonie. Ik herinner me de opwinding want Bernstein was niet zomaar iemand. Bernstein werd geëerd voor het op de kaart zetten van de muziek van Mahler die voor het eerst de steun van Willem Mengelberg kreeg en de traditie zou worden voortgezet door het Concertgebouworkest onder Bernard Haitink. Bernard Haitink stuurde een felicitatie-telegram aan Bernstein vanuit Japan waar het Concertgebouworkest toen op tournee was.

LEEN JONGEWAARD - HETTY BLOK

De Uitreiking in 1968 van de "Gouden Televizierring 1967" aan Leen Jongewaard werd door mij verslagen. Wim Ibo hield een humorvolle inleiding en Leen en André van den Heuvel zongen Op een mooie Pinksterdag. Het fragment uit de reportage staat op YouTube.
Hetty Blok sprak Leen toe. Ze begon: "Verrukkelijke en adembenemende Leen-poes. Je snapt natuurlijk wel dat ik jou niet plechtig ga toespreken...(Leen op achtergrond: God zij dank niet.)...want dan zouden we binnen enkele tellen onder deze tafel verdwijnen, even purper als dit pak, van het ingehouwe, benauwde gelach." En ze vervolgde, steeds duidelijker met het van haar bekende Groningse accent: "Maar het is nou eenmal zo dat de tweede keus van de kijkers van Televizier het voorrecht heeft om hun favoriet de gouwe ring te overhandigen. En tot haar blijde verbijstering bleek zuster Clivia op de tweede plaats te staan, zij het dan helaas met een belangrijke achterstand..."

PALEIS OP DE DAM

Met cameraman Piet Out, waarmee het prettig werken was, maakte ik een item over het gerestaureerde Koninklijk Paleis op de Dam. Het beginshot was van overstekende mensen voor de Bijenkorf op de oversteekplaats die Dam en Damrak van elkaar scheidt. Ik vroeg hem langzaam uit te zoomen totdat de kijker zich binnen in het paleis bevond en de drukke moderne wereld achter zich had gelaten. We draaiden om de twee wereldhelften in de Burgerzaal heen en lieten zo de wereld draaien. Met de camera passeerden we oude regenten en staatslieden die aan de wanden hingen, en koning Lodewijk Napoleon natuurlijk. We gaven blikken in zalen en kamers, we filmden pilaren alsof het palmbomen uit de kolonieën waren, we lieten allerlei schatten zien, en dat terwijl het paleis zo sober is ingericht. Het werd een interessant verhaal, schepenen en schouten inbegrepen. En zo vertelde ik de vaderlandse geschiedenis, opgehangen aan het paleis dat door de eeuwen heen daarvan getuige was geweest, aanvankelijk als stadhuis van het Amsterdam van de rijke kooplieden.

Het werd een 10 minuten durende film die aan het eind van een zaterdagavond uitgezonden zou worden. Maar mijn aanpak was totaal anders dan verwacht. Geen deftige heren die vertelden hoeveel geld er wel in de restauratie gestoken was. Die mededeling stond in de Avrobode en dat was toch voldoende dacht ik. Gewichtige politici die hun image op wilden poetsen kwamen ook niet aan het woord. Aan het einde van de zaterdagavond wil je toch niet lastig gevallen worden met cijfers en hoogdravende heren. Dan wil je mooie beelden zien die bewegen. Je wilt een verhaal vertellen.

Ger Lugtenburg zat met de film in z'n maag. Na twee viewingen in "de garage" - de kleine filmzaal op het AVRO-terrein - waar mijn collega's zich positief over mijn werkstuk uitlieten en zeiden dat het uitgezonden moest worden, zwichtte Lugtenburg. Maar er kwam redding voor hem. Op de zaterdag dat de uitzending gepland was, werd er 's avonds gevoetbald. En dat ging uiteraard voor. Een latere datum werd niet meer geprikt.

PIET NAK (pjetnak)

Als ik deze en andere filmpjes nu zou zien, dan zou ik er wellicht het een en ander op aan te merken hebben. Maar het waren low budget items die nauwelijks wat kostten en toch interessante beelden opriepen.

In die tijd werd gedemonstreerd tegen de Oorlog in Vietnam. Het Vietnam Committee stond onder voorzitterschap van Piet Nak, die gekscherend Pietnak (uitspraak pjetnak) werd genoemd. Een demonstrant die "Johnson Moordenaar" op een spandoek had geschreven werd gearresteerd. Hij had het hoofd van een bevriende natie beledigd.

Ter gelegenheid van Pim Elfferich's vertrek naar Het Parool werd op 11 maart 1969, na de laatste redaktievergadering door hem geleid, deze foto genomen op de zogenaamde bunker. Van links naar rechts: Cas Brugman, Jaap van der Zwan, Marcel de Groot, Ria van Loon, Rudolf Bruil, Erica Haye, Pieter Varekanp, Pim Elfferich, Thijs Zijda. Roelof Kiers was al naar de VPRO overgestapt.

JAAP VAN MEEKREN

Als Jaap van Meekren 's avonds laat 'Langs de Lijn' presenteerde (in afwisseling met Koos Postema), dan kwam ik wel eens naar de KRO-radiostudio en dan coachte hij mij tussen de uitslagen en berichten door in het lezen van teksten voor het inspreken van films en reportages. Hij leerde me in teksten de accenten, pauzes en de toonhoogte aantekenen. Dat kwam me goed van pas als ik teksten insprak en zeker later toen ik in mijn reclametijd audiovisuals produceerde en insprak.

AFSCHEID

Al gauw merkte ik dat er een gebrek aan gegevens, aan dokumentatie op de afdeling was. Als er wat dieper gevorst moest worden, dan ging je naar Het Parool aan de Wibautstraat in Amsterdam om oude kranten na te pluizen. Ik deed toen een voorstel om een archief op poten te zetten. Piet de Smet, hoofd van de afdeling boekhouding die na zorgvuldige controle ook het fiat voor de verzilvering van onze declaraties gaf, vond het te duur. Een paar kasten, hangmappen, plus een kaartenbak.

Dat archief kwam er dus niet. Romano Stinga, die eens hoofd van de totale afdeling Informatieve Programma's was, zei bij mijn vertrek: "Tijdens je sollicitatiegesprek vroeg ik je of je een item kon maken over de toetreding van Groot Brittanie tot de EEG en toen zei je ja." Mijn antwoord: "Jazeker heb ik dat gezegd. Ik veronderstelde dat jullie een uitgebreid archief hadden met mappen over belangrijke onderwerpen. Mappen die steeds met de laatste gegevens, knipsels, telexen actueel gemaakt zouden worden en verwezen naar filmfragmenten."

Er bleek bij velen een grote angst te bestaan dat deze of gene medewerker of leidinggevende weleens belangrijk zou kunnen worden. Of dat je zomaar op een dag een brief in de bus kreeg waarin stond dat je programma niet meer gepland stond voor het volgende seizoen en je dus overbodig was. Er ligt altijd wel iemand op de loer die een grote zaag heeft om daarmee de poten onder je stoel vandaan te zagen. En zo'n dossierkast is een enorme zaag.

Iedereen heeft in zijn werkkring wel een geheime vijand, misschien wel meer dan een. Soms is het systeem de vijand. De vakbond Mercurius schoot uiteindelijk te hulp en zorgde voor een gunstige regeling. In september 1969 vertrok ik en werd - na een vakantie in Engeland te hebben doorgebracht - copywriter bij Reclame-Adviesbureau Intermarco de la Mar, Weesperstraat, Amsterdam.

Tekst Rudolf A. Bruil. Pagina voor het eerst gepubliceerd in 2004 en sindsdien bijgewerkt.,

TERUG / BACK


After my Paris stay, I spend two years as an editor working for Dutch Television Broadcasting Society A.V.R.O. which meant new discoveries and learning. I was involved in several projects, mainly as an assistant producer and in several instances also as an interviewer. One important project was "Vox Populi", based on Nobel Prize winner Sir Noel Baker's idea that the people should force the governments of all nations to abstain from developing and manufacturing nuclear weapons. The project was devised by Pim Elfferich, head of the TV News Background Programs. He had asked Flemish author Hugo Claus to write the script for a docudrama. Its title: A lesson in Peace. A panel of journalists of renown and other important people would discuss Noel Baker's idea and a possible impact of the voice of the people. The journalists were Harrison E. Salisburry (New York Times), Karol Malcuzynski (Trybuna Ludu, Warsaw; brother of famous pianist Witold Malcuzynski), Theo Sommer (Die Zeit, Hamburg), Roger Massip (Le Figaro, Paris), Frank Giles (Sunday Times, London), and Vikenti Matveyev (Isweztia, Moscow). Also participated Francis Noel-Baker (Sir Philip's son) and from Sweden came Robert Neild (National Institute for Peace). Famous Dutch journalist and political commentator Mr. G.B.J. Hiltermann presided the discussion. The complete broadcast would take up practically an entire evening.

Together with colleagues I made programs about noise pollution produced by passenger jets starting and landing at Schiphol Airport, a problem which will never be solved.
We traveled to Berlin. And we reported from Vienna in 1968 when Alexander Dubcek was the hope of all the Czechs and Slovaks for a communism with a human face. Closer to Prague we could not get. The films we made and compiled were sent back home from the ORF broadcasting company in Vienna where technical services were rented via Dutch correspondent An Salomonson.
Another colleague filmed the tanks of the military junta positioned on the corners of the streets in Athens, interviewed people and was critical of the Papadopoulos regime. There were questions asked in the Dutch parliament by a member of the conservative VVD party which did not accept such criticism. Gradually the colleague was more and more obstructed and finally resigned. In August 2002 the CIA gave access to several, but not all documents, and admitted the role of the US government in relation to the coup in Greece and the support for Papadopoulos's junta. At the time America was afraid that the left wing and the communists were going to play a major role in Greece, more or less together with king Constantin II. Therefore the US supported the right wing regime of the colonels (1967-1974) as Greece was a member of NATO. A late rehabilitation of Jaap van der Zwan, who was the reporter involved.

With producer Cas Brugman and with political commentator and former Editor in Chief of the news weekly "Haagse Post", G.B.J.(Guus) Hiltermann, I went to Paris at the end of April to report on the "Revolution of 1968", referred to by General De Gaulle and his party as "irregularities", which had started at the University of Nanterre. We interviewed people in the streets of Paris and I talked to M. Raymond Tournoux, historian and political writer of Paris Match. We also attended the reception held at the Dutch Embassy at the occasion of the birthday of Queen Juliana (April 30th, 1968). After a good meal I took Cas Brugman and his wife to "The Living Room" to relax and listen to some good jazz played by Aaron Bridgers and Art Simmons.
But the revolution was not over yet. On May 11th journalist Thijs Zijda and I reported on the confrontations between students, workers and the police. The 1968 movement led eventually to the abdication of "Le Général" and the election of Georges Pompidou as "Président de la République" one year later (June 1969).

I also filmed short items, for example about the Edison Awards and a short item about conductor Kyrill Kondrashin who for the first time conducted the Concertgebouw Orchestra. I had visited a concert with him conducting in Paris in 1963 with pianist Yuri BOUKOFF. On the program Ravel (Rhapsodie espagnole), Weber (Konzertstück), Shostakovich (Concerto no 2), Prokofiev (Symphony No. 5). Kyril Kondrashin conducting:

8è CONCERT, Dimanche 24 Novembre 1963, (go to Programs) Yuri BOUKOFF, piano; Ravel: Rapsodie espagnole; Weber: Concertstück; Chostakovitch: Concerto no 2; Prokofieff: Symphonie no 5; Direction: Kyril KONDRACHINE).

Copyright 2004-2014 Rudolf A. Bruil

REAGEER