Ga naar www.soundfountain.com

Ga naar de beginpagina.

BACK

 

AudiOpinie

Door Rudolf A. Bruil

Aanvankelijk had AudiOpinie een zeer eenvoudig omslag. Omslag en inhoud werden op een analoge kopieermachine geprint. Een Atari werd gebruikt voor de tekstverwerking. Dat was in 1986.
Toen het tijdschrift in populariteit groeide werd gekozen voor een luxere druk en een bredere distributie via Betapres. Dat was in 1988. Vanaf dat moment werd de inhoud in Ventura Publisher opgemaakt, een DOS programma dat op een IBM AT PC geïnstalleerd was. Ventura Publisher was een praktisch, no nonsense programma waarmee het prettig werken was. In 1990 was het door Xerox gekocht en heette het programma vanaf die datum Xerox Ventura Publisher. Zie het boeiende artikel geschreven door Tom Ara en geplaatst op
PC PRO.
Het verschijnen van AudiOpinie (een samentrekking van Audio en Opinie) werd opgemerkt door de bestaande audiobladen vanwege de onafhankelijke opstelling, de manier van behandeling van de onderwerpen en de stijl van schrijven, zo zelfs dat uitgever 'De Muiderkring' interesse toonde AudiOpinie als katern in Radio Bulletin op te nemen. Daar kwam het echter niet van. Het bleek dat het gesprek met de toenmalige hoofdredakteur een opdracht van de directie was en het idee van samenwerking niet van hemzelf afkomstig was. Het ging niet door. Hij bleef overigens maar korte tijd hoofdredacteur. De betekenis was duidelijk. Niet lang na de introductie verscheen nog een ander tijdschrift 'Beeld en Geluid Opinie'. Kennelijk meedrijvind op de impact.

Er was een ondernemende jongen die een bedrijf startte dat later uitgroeide tot "Publish - Desktop Publishing BV", gevestigd in de van Diemenstraat in Amsterdam. Daar werden de met Ventura opgemaakte pagina's door een laserprinter afgedrukt. Vervolgens werden de gerasterde illustraties ingemonteerd en eventuele correcties aangebracht.
Aanvankelijk werden de moederbladen door een Kodak machine digitaal ingelezen en op A3 vellen geprint. Later is er een proef geweest met een drukkerij in Brabant die het tijdschrift in offset drukte. Dat betekende echter zeer hoge kosten. Er moesten voor de distributie door Betapress grote aantallen gedrukt worden.

Waren we doorgegaan op die kostbare manier met ook een grote hoeveelheid retour-exemplaren dan hadden we het niet overleefd. Daarom werd die manier van druk en distributie al na een jaar gestaakt en er werd gekozen voor de eenvoudige, maar niet minder interessante aanpak waarbij de distributie door onszelf gedaan werd en de te drukken oplage in de hand werd gehouden.
Hoewel vormgeving en produktie een evolutie was, kan toch een opdracht geformuleerd worden.
De Opdracht: Met gebruikmaking van basistechnieken een tijdschrift vormgeven dat een stijlvolle en zakelijke uitstraling heeft en tegelijkertijd een indruk van kwaliteit en professionalisme overbrengt. De laatste serie uitgaven laat dat duidelijk zien.

Het omslag.
Het budget was ontoereikend om elke cover in full color te drukken. Om toch de illusie van rijkdom te geven werd voor het omslag een basis-ontwerp gemaakt dat voor elke uitgave gebruikt kon worden. De cover, inclusief de advertenties op de pagina's 2, 3 en 4, die wél in vier kleuren gedrukt werden, was in een grote oplage aangemaakt. De basiskleuren voor de voorzijde waren rood en geel. De tekst Eigenwijs & Boeiend werd in zwart gedrukt, en de titel in rood. De aanduiding van het muziek-katern Fidelio werd in een zwart kader geplaatst, op een lichtgele achtergrond. Drukkerij Koedijk in de Laurierstraat in Amsterdam verzorgde de druk.

Per uitgave kon dan worden volstaan met een enkele drukgang in zwart met een steeds wisselend lay-out/ontwerp: foto's, lijntekeningen, merknamen, logo's en andere grafische elementen.
Vormgeving, ontwerpen, de lay-out, fotografie, tekeningen en de werktekeningen zijn van mijn hand.

Ik had allang de wens eens een audiotijdschrift te publiceren. The Audio Critic, onregelmatig uitgegeven door Peter Aczel (USA), was een inspirerend voorbeeld. Maar als 15 jarige las ik al The Gramophone (de afleveringen werden door een oom en tante in Engeland toegestuurd). Daarin stonden boeiende besprekingen en artikelen, echte journalistiek! Daarbij vergeleken was een blad als "Luister..." een enigszins schrale uitgave. Ook was Jean Hiraga's La Nouvelle Revue du Son een boeiende publicatie. In 1980 reisde ik naar Amersfoort en had een gesprek met journalist en icoon Jan de Kruijff die Disk weer wilde opstarten. Het was wellicht mogelijk om samen een tijdschrift te maken. Onze ideeën over funktie en opzet waren toch te verschillend. Zes jaar later greep ik mijn kans.

Voor elke individuele uitgave werd de voorpagina van het omslag op maat ontworpen. Evenwicht was het kenmerk van elke cover.
Uiteraard is dit geen unieke manier van doen. Maar voor geïnteresseerden is het wellicht interessant om te zien hoe te werk werd gegaan en wat het resultaat was.

Ook heb ik besprekingen met John van der Sluis gevoerd die een samengaan van Audio&Techniek en AudiOpinie voorstelde. Daar is uiteindelijk niets van gekomen. Dat samengaan was niet eenvoudig te realiseren. Ook waren we allebei te veel individualist.

Voor de opmaak werd nog steeds Xerox Publisher gebruikt. Waarom veranderen als iets heel goed en efficiënt werkt? Maar we gingen anders te werk.
De opgemaakte/vormgegeven pagina's werden nu door ABC Copyprint (toen gevestigd aan de Havenstraat in Amsterdam) gescand en in het geheugen van een Xerox digitale copier opgeslagen. De pagina's werden nu digitaal geprint.
Het deel over apparatuur en techniek werd op wit papier gedrukt. Het muziekkatern Fidelio op zacht geel.
Daarna werden de A3-pagina's verzameld, gevouwen en samen met het omslag tot een geheel geniet. Het bijsnijden was de finishing touch. Rechts: de inhoudsopgave werd over 2 pagina's verdeeld.

Een Kodak laser scanner/printer maakte het mogelijk om van elke afbeelding en foto een rasterprint te maken van klein tot maximaal A4 formaat. Rechts het loopwerk van de Denon DP-S1 (CD transport) zoals het in druk verscheen. De afbeelding was afkomstig uit het door Denon geleverde informatiemateriaal. Met de Kodak machine werd de foto gerasterd en op elk gewenst formaat geprint. Die rasterprinten lieten zich uitstekend digitaliseren. Het kant en klare tijdschrift was niet alleen qua kritische inhoud interessant.

Zeer goede produkten kregen een Gouden Triangel, een waardering geïnspireerd door "Le décibel d'honneur" van Jean Hiraga's "La nouvelle revue du son" uit Frankrijk. Een Gouden Triangel was er voor de Denon S1. Bijzondere opnamen kenden we een Gouden CD toe.

Het tijdschrift had naast tests ook vaste rubrieken zoals: "Met tin en bout, met lijm en zaag", "Gehoord, Gezien, Gelezen", "Handel & Wandel" (waarin winkels gepresenteerd werden).
En er was "Selektief Winkelen". Handelaren werden uitgenodigd een lijst op te sturen met 2e hands items en demonstratiemodellen, geprijsd voor de verkoop. Die lijsten werden gratis geplaatst.

 

Namen uit de beginjaren: Phia Baruch die met haar Uitgeverij SEL de eerste 8 edities (1986/7) onder haar hoede nam. Er was wijlen François van Winkel die er in 1988 een belangrijke impuls aan wilde geven door een betere druk, een grotere oplage en de distributie via Betapress te regelen. Zonder hen was het tijdschrift in die beginjaren waarschijnlijk nooit gerealiseerd.
AudiOpinie had alle ingrediënten om tot een uitgave met een grote oplage uit te kunnen groeien. Maar omdat het een enigszins kritisch tijdschrift was, waren slechts weinig importeurs en fabrikanten geïnteresseerd. Ze wisten dat ze niet op voorhand een laaiend enthousiaste, positieve waardering van hun produkten konden verwachten. Bovendien is het Nederlandse taalgebied veel te klein. Hadden we het tijdschrift in het Engels uitgegeven, dan was succes gegarandeerd. Toch waren er supporters: Wim de Haan en Hans van Tuil (TES Nederland B.V.), de heer de Jong (Penhold B.V.), Thijs de Haan (Pioneer Electronics), Frits de Vries (Audio Import), René Deegens (Dimex), Paul Hattink van HiFine, en nog een aantal.

Klik de link om deze pdf te lezen:
Reference Recordings, Dick Hyman en een Bösendorfer Imperial SE.

Luister Dick Hyman op Youtube

Enkele namen van auteurs die kortere of langere tijd meewerkten: François van Winkel (muziek), Jitte de Boer (muziekrecensies), Anand Veeren, Jean Hautparleur (=Paul Hattink - HiFine), Jim Faas, en Rex Harding (uit Engeland; een vriend uit mijn schooltijd).
Kritisch luisteraar en doorgronder Rob Veerhuis trad vanaf nummer 29 tot de redaktie toe. Vanaf die tijd werd AudiOpinie door hem en door hoofdredakteur Rudolf Bruil gemaakt. Technisch onderlegde mewerker Willem Rutten deed de metingen.
We hebben hard gewerkt en aan het werk altijd veel plezier beleefd. We bezochten persconferenties en dealerdagen en namen deel aan persreizen. Er zijn importeurs en dealers die goede herinneringen bewaren aan de jaarlijkse dealerdagen in Bunnik. Op die dagen waren we ook welkom.
We spraken met fabrikanten en importeurs, musici werden geinterviewd, apparatuur getest, nieuwe CD-uitgaven besproken, en er werd altijd kritisch geluisterd en veel gediscussiëerd. Ook was er het altijd weer boeiende beursbezoek: Nieuwegein en Loosdrecht (op touw gezet door Frits de Vries en Jan Laffra), Parijs (Les journées de la haute fidélité en Festival du son), Düsseldorf (voor zolang het duurde), en de boeiende High-End shows in de hotels in Frankfurt-Neu Isenburg.
In 1995 vond ik het tijd om een verzamelband te maken: Het Beste uit AUDIOPINIE. Het bevatte artikelen die eerder in AudiOpinie verschenen waren en er werden nieuwe artikelen aan toegevoegd. De tweede druk was een herziene, verbeterde uitgave waarvan een aantal in luxe uitvoering met hard cover werd gemaakt.
Naast eerder verschenene artikelen werden er ook nieuwe verhalen en beschouwingen geschreven. Bijvoorbeeld over de restauratie van het Concertgebouw die de kwaliteiten van de Grote Zaal enigszins gewijzigd heeft, over Wilma Cozart Fine die oude Mercury opnamen voor Philips digitaliseerde, en bijvoorbeeld over het "direct-to-CD" experiment van Reference Recordings in Californië, en nog meer.

Deze formule van vormgeving en productie maakte het altijd mogelijk om de lay-out te wijzigen en te vernieuwen, om nieuwe ideeën uit te proberen en te testen. Uiteraard was deze manier van werken niet zo bijzonder. Vandaag de dag zou je op het world wide web een magazine of krant beginnen, iets wat voornamelijk uitgevers van kranten in Nederland veel te laat ontdekt hebben.

 

En toch... Misschien geeft dit verhaal inspiratie aan deze of gene die een publicatie wil verzorgen die eenmalig is of vaker moet verschijnen. Dat doe je dan niet meer met Xerox Publisher maar met Illustrator of welk modern opmaakprogramma ook. Alleen Xerox Publisher had die flexibiliteit omdat je er tijdens het vormgeven ook gemakkelijk analoog mee kon werken.

 

 

TOP

Pagina voor het eerst gepubliceerd op het internet op 8 Mei, 2008.

Copyright 1986-2010 -
Rudolf A. Bruil

REAGEER